Blog
Zelf schrijven8 min leestijd

Hoe vind je een uitgever?

Veel schrijvers beginnen hun zoektocht naar een uitgever met een lijst namen. Grote uitgeverijen, bekende fondsen, websites waar manuscripten ingestuurd kunnen worden. Daarna volgt vaak hetzelfde: een synopsis schrijven, een begeleidende mail opstellen en hopen dat ergens iemand het manuscript oppakt.

Door Job Veldhuis

Toch begint het vinden van een uitgever meestal niet bij zoeken naar een uitgever, maar bij begrijpen welk soort verhaal je eigenlijk hebt geschreven.

Dat klinkt eenvoudiger dan het is. Veel manuscripten worden namelijk niet afgewezen omdat ze slecht geschreven zijn, maar omdat ze bij de verkeerde plek terechtkomen.

Niet elke uitgever zoekt hetzelfde

Sommige schrijvers kijken eerst naar bekendheid. Welke uitgeverij groot is. Welke naam indruk maakt. Maar uitgeverijen verschillen enorm van elkaar. Sommige fondsen richten zich op literaire romans, andere vooral op commerciële fictie, non-fictie, poëzie of juist heel specifieke niches.

Een manuscript maakt meestal meer kans wanneer het terechtkomt bij een uitgever die begrijpt wat voor soort verhaal het probeert te zijn.

Daarom helpt het vaak meer om te kijken naar de boeken die een uitgeverij al uitgeeft dan naar de grootte van het fonds. Welke verhalen verschijnen daar? Welke toon hebben die boeken? Welke schrijvers passen erbij?

Een uitgever zoekt zelden naar perfectie

Veel schrijvers wachten jaren met insturen omdat ze denken dat een manuscript eerst volledig perfect moet zijn. Natuurlijk helpt het wanneer een tekst zorgvuldig is geredigeerd en goed opgebouwd is. Maar perfectie is zelden waar een uitgever als eerste naar kijkt.

Wat meestal belangrijker is, is of een manuscript ergens overtuigt. Of een verhaal een eigen stem heeft. Of een schrijver grip lijkt te hebben op wat hij probeert te vertellen.

Soms zitten er in een manuscript nog allerlei onvolkomenheden, terwijl toch meteen duidelijk wordt dat er iets in zit dat blijft hangen.

Waarom afwijzingen vaak minder persoonlijk zijn dan ze voelen

Een afwijzing voelt voor veel schrijvers alsof er iets wordt gezegd over hun talent of hun vermogen om te schrijven. In werkelijkheid spelen er vaak veel meer dingen mee.

Uitgeverijen ontvangen meestal veel meer manuscripten dan ze kunnen publiceren. Daarnaast kijken ze niet alleen naar kwaliteit, maar ook naar timing, fondsopbouw, doelgroep en commerciële haalbaarheid.

Soms lijkt een manuscript sterk, maar past het eenvoudigweg niet binnen de richting die een uitgeverij op dat moment zoekt. Soms lijken twee manuscripten te veel op elkaar. En soms heeft een redacteur simpelweg geen verbinding met een verhaal dat ergens anders misschien juist wel zou werken.

Dat maakt publiceren niet makkelijker, maar wel menselijker.

Veel schrijvers onderschatten de synopsis

Opvallend genoeg besteden veel schrijvers jaren aan hun manuscript en nauwelijks aandacht aan hun synopsis. Terwijl een synopsis vaak een van de eerste dingen is die een uitgever leest.

Een goede synopsis hoeft niet literair te zijn. Het gaat er vooral om dat duidelijk wordt waar het verhaal werkelijk over gaat, hoe het zich ontwikkelt en waarom het werkt.

Wie moeite heeft met het schrijven van een synopsis, kan eerst lezen:

Een manuscript versturen is geen sollicitatiegesprek

Sommige begeleidende brieven proberen een uitgever te overtuigen met grote claims. Dat een manuscript uniek is. Dat het gegarandeerd een bestseller wordt. Dat vrienden en familie het geweldig vonden.

Meestal werkt dat minder goed dan schrijvers hopen.

Een rustige, heldere brief maakt vaak een sterkere indruk. Kort uitleggen wat voor manuscript het is, waarom je juist deze uitgeverij benadert en wat voor soort verhaal je hebt geschreven is meestal voldoende.

Uiteindelijk draait het niet om jezelf zo groot mogelijk presenteren, maar om nieuwsgierigheid wekken naar het manuscript.

Lees de boeken die een uitgeverij uitgeeft

Misschien is dit wel het meest onderschatte advies: lees daadwerkelijk boeken uit het fonds van de uitgeverij die je benadert.

Niet om jezelf ermee te vergelijken, maar om gevoel te krijgen voor de keuzes die een uitgever maakt. Voor toon, sfeer, onderwerp en stijl.

Soms ontdek je daardoor dat een uitgeverij eigenlijk helemaal niet goed bij je manuscript past. En soms juist dat je verhaal waarschijnlijk beter aansluit dan je eerst dacht.

De zoektocht naar een uitgever duurt vaak langer dan verwacht

Veel schrijvers hopen op een snelle reactie. Soms gebeurt dat ook. Maar vaak duurt het maanden voordat een manuscript gelezen wordt of een reactie volgt.

Dat wachten kan frustrerend zijn, zeker wanneer een verhaal jarenlang dicht bij je heeft gelegen.

Toch hoort die onzekerheid voor veel schrijvers bij het proces. Vrijwel elk gepubliceerd boek begon ooit als een manuscript waar iemand over twijfelde of het wel goed genoeg was.

Tot slot

Een uitgever vinden gaat uiteindelijk niet alleen over versturen, maar vooral over aansluiting vinden. Tussen schrijver, verhaal en uitgeverij.

Niet elk manuscript vindt meteen de juiste plek. Soms vraagt een verhaal meer tijd. Soms meer redactie. En soms simpelweg een andere uitgever.

Maar vrijwel elke publicatie begint ooit met hetzelfde moment: een schrijver die besluit een verhaal niet langer alleen voor zichzelf te houden.

Auteursfoto van Job Veldhuis

Auteur

Job Veldhuis

Job Veldhuis (1998) bewandelde alles behalve de gebaande paden om auteur te worden. Hij studeerde Computer Science aan de Universiteit van Londen en schreef tegelijkertijd toneelstukken en korte sketches voor op het podium. In 2019 debuteerde hij met zijn eerste detective, Inspecteur Vos.

Over Job Veldhuis